peuterslaap

Naar een groter bed… de theorie

Op een dag is het moment daar, de eerste nacht in een nieuw groter bed voor jouw kindje. Een belangrijke stap in het groter worden van je kindje. In dit artikel vertel ik je de tips en tricks om de overgang zo goed mogelijk te laten verlopen.

– Is het bedje te klein geworden?
– Is er een broertje of zusje op komst?
– Klimt je kindje uit bed en wordt het gevaarlijk?
– Slaapt je kindje slecht en hoop je dat het beter wordt in een ander bedje?

Bovenstaande redenen hoor ik vaak om over te stappen naar een nieuw bedje. Als het bedje te klein is geworden, dan moet je wel overstappen naar een groter bed.

Als er een broertje of zusje op komst is, wordt vaak het bedje van het kindje ‘ingeruild’. Dit kan prima, mits je kindje een goede slaper is en de juiste leeftijd (vanaf ongeveer 2,5 – 3 jaar) heeft om over te stappen naar een groter bed. Is dit niet het geval, dan kun je je afvragen of je er goed aan doet om het bedje te veranderen. Je newborn hoeft nog niet gelijk in een ledikantje te liggen, maar kan ook een tijd in een wiegje/ co-sleeper slapen, waardoor je de overgang naar een groter bed nog zo’n 3 maanden kunt uitstellen na de geboorte van je andere kindje. De geboorte van een broertje of zusje is immers al best ingrijpend. De kans is aanwezig dat er dan bij je grotere kindje slaapissues ontstaan. Zeker als een kleintje zelf uit bed kan komen is de weg naar jouw slaapkamer  makkelijk gevonden.

Als je kindje uit het ledikant klimt en dit gevaarlijk wordt, ben je genoodzaakt om over te stappen naar een groter/ veiliger bed. Echter wordt ‘uit-bed-klim gedrag’ vaak veroorzaakt door andere slaapissues. Het is hier dus van belang om heel hard te werken aan een goede slaapbasis omdat je anders om de haverklap je kindje naast je bed hebt staan.

Slaapt je kindje slecht en je hoopt dat dit de oplossing zal zijn? Vergeet het maar… als de slaapbasis niet goed is, werk je op drijfzand. Het lijkt even goed te gaan, maar vervolgens komen oude patronen weer naar boven.
Er zijn wel verhalen bekend dat kinderen beter gaan slapen in een ander bed, maar meestal komt dit doordat de plek van het bed is veranderd, een andere kamer of een andere aanpak.

Vraag je dus of de overgang naar een groter bed noodzakelijk is, voordat je hiermee gaat ‘uitproberen’.

Dan nu gauw naar de praktische kant:

Kindjes kunnen zich pas rond de leeftijd van 3 jaar goed oriënteren in de ruimte in het bed, door binnen de denkbeeldige grenzen te blijven. Je wilt de overgang naar een groter bed dus zo laat mogelijk doen, om uit bedvallen te voorkomen. Daarnaast speelt ook een stukje gedragscontrole hierin een rol, voor een 2 jarige is het moeilijker om rustig in bed te blijven liggen dan voor een 3 jarige.
Echter zijn er omstandigheden waarin je de overgang wel moet maken, dus hieronder praktische tips hoe je deze overgang zo goed mogelijk kunt maken.

* Zorg voor een uitvalbeveiliging. Je kunt deze op de rand van het bedje zetten, waardoor je kindje niet uit bed kan vallen. Te koop bij onder andere die grote Zweedse winkel…

* Indien je de financiele mogelijkheden hebt, koop i.p.v. een groot bed (2 m lang) een peuterbed. Klein maar fijn… het zorgt ervoor dat je kindje niet zo verdwaald in het grote bed en geeft wat meer een gevoel van geborgenheid. Tweedehands kun je deze bedjes vaak voor een klein prijsje overnemen.

* Laat je kindje alvast wennen aan het nieuwe bedje door deze al een tijdje te zien, bijvoorbeeld in de nieuwe slaapkamer of door het bedje naast het ledikantje te plaatsen op de nieuwe kamer. Laat je kindje er alvast op spelen, lees samen een leuk boek op het bed, knuffel alvast samen op het bed. Maak van het nieuwe bed een feestje!
Is je kindje enthousiast geworden? Dan kan je de overstap maken naar een eerste slaapje in het nieuwe bed.

* Geef je kindje het gevoel dat het invloed kan uitoefenen op het bedje. Welke knuffels mogen er in bed? Welke dekbedhoes mag op het bed? Als je een bedtijdritueel hebt op bijvoorbeeld je eigen bed, kun je vragen waar dat nu moet plaatsvinden, in het nieuwe bed of op jouw bed.

* Slaapt je kindje overdag nog? Dan probeer je het eerste slaapje in het nieuwe bed tijdens het middagslaapje doen. Lukt het niet, dan leg je je kindje ‘s avonds nog in het ledikantje, zodat er geen oververmoeidheid ontstaat. Je probeert het de volgende dag weer opnieuw.

* Blijf zorgen voor een goed bedtijdritueel. Maak hier echt een fijne aangelegenheid van, zodat je kindje ervaart dat slapen gaan een ‘klein feestje’ is.

* Geef je kindje het vertrouwen dat het lekker gaat slapen! Heb je hier zelf geen vertrouwen in, dan zul je dit (onbewust) overdragen op je kindje.

Rond het bedtijdritueel af en verlaat de kamer als je kindje rustig ligt. Vind je het kindje het spannend? Dan blijf je bij je kindje totdat het slaapt. Belangrijk is dat je kindje vertrouwen krijgt dat het goed kan slapen.
Na een tijdje ga je de afstand wat vergroten,  iedere dag een stukje verder totdat je uit de slaapkamer bent. Je kunt ondertussen wat sussende geluiden maken, zodat je kindje weet dat jij aanwezig bent en dat het veilig is om te gaan slapen.

Echter zijn er ook spookjes… die klimmen uit het bed. Dan komt het op jouw consequentheid als ouder aan. Een stuk lastiger! Je legt je kindje rustig weer in bed, geeft hem/ haar een dikke knuffel en je verlaat de kamer/ gaat terug naar de plek waar je zat.  Dit blijf je consequent herhalen. Dit is een weg van een lange adem…  Het is hierbij helpend om je kindje te belonen met woorden wanneer het rustig blijft liggen, al is het maar 10 seconden. Positief benaderen werkt op deze leeftijd beter dan een negatieve benadering.

Een andere optie is dat je een matras naast het bedje legt en jij een tijdje bij jouw kindje gaat logeren. Blijft je kindje goed in bed leggen, dan schuif je het matras wat op, net zolang totdat het matras op de gang ligt.

Bij spookjes kan het goed helpen om op kindniveau in gesprek te gaan met je kindje. Wat maakt het dat hij/ zij steeds uit bed komt. Neem de redenen serieus! Zijn er soms angsten? Met een beetje creativiteit valt dit op te lossen… Knuffels kunnen op je kindje passen, maak deze belangrijk. Of heb je wel eens gehoord van een monsterspray (Water met lavendelolie erin)?
Je zou ook met je kindje een verbodsbord kunnen maken, verboden voor vrachtauto’s, monsters, spoken whatever…

Jonge kinderen zijn heel gevoelig voor beloningen, je kunt ook voor ieder slaapje dat hij/ zij in bed blijft liggen een sticker geven. Maak hiervoor een paar (2 of 3) duidelijke afspraken waarmee je kindje stickers kan verdienen. Zorg ervoor dat er aan één afspraak altijd voldaan kan worden, zodat je kindje sowieso een sticker verdient. Een positieve stimulans helpt aanzienlijk beter dan negatieve benadering.
Bij een bepaald aantal stickers mag/ kan/ krijgt je kindje…  Zorg eerst voor een klein haalbaar aantal, zodat je kindje niet 2 weken hoeft te wachten op deze beloning.
Leuke beloningen zijn:
– bepalen wat er de volgende avond gegeten wordt
– iets lekkers uitzoeken in de winkel
– bepalen wat er op televisie komt
– een spelletje uitzoeken om te spelen
– een (kosteloos) uitje naar die ene speciale speeltuin/ boerderij etc.

Je kunt na de beloning het aantal stickers dat verdient moet worden weer wat groter maken. Op een gegeven moment zullen de dingen vanzelf gaan, je kunt dan rustig aan afbouwen door de stickers ‘te vergeten’ of gewoon te bespreken dat je kindje nu zo’n grote meid/ vent is dat stickers niet meer nodig zijn.
In plaats van stickers zou je ook een pot kunnen vullen met mooie stenen, knikkers, autootjes etc. Kijk wat bij je kindje past.

Veel succes toegewenst!

Comments are closed.